‘Leerlingen leggen nog niet hun ziel bloot in een portfolio’

Strenger selecteren
08-07-2011    Redactie    Nieuwsarchief

Ruud Raas (38) is mentor van elf VMBO-T leerlingen aan het Pius X college in Bladel.

‘De ROC scholen weten in een vroeg stadium al welke gebruiksaanwijzing er hoort bij de nieuwe leerlingen die aangemeld worden. Is het een jongen met een leer- of gedragsstoornis?
Of een meisje dat moeite met de concentratie heeft. Dat betekent dat je de begeleiding daarop toe kunt spitsen.’ Raas weet uit eigen ervaring hoe belangrijk het is om er vroeg bij te zijn als het om de ondersteuning van probleemleerlingen gaat.
‘Ik weet van een jongen hier op school dat ie veel te lang met problemen rondliep voordat dit op juiste waarde werd geschat. Met een doorstroom-portfolio kan een onderwijsinstelling zulk tijdverlies voorkomen.’ Dat alles laat onverlet dat Raas deze methodiek niet al bij voorbaat heilig verklaart. Vooral over het leerlingendeel is hij kritisch. ‘Mij valt op dat de meeste leerlingen hun ziel niet bepaald bloot leggen bij het invullen van het port folio. Ze formuleren kort en spelen op safe. Het persoonlijke aspect van leerlingen blijft marginaal. Schijnbaar vertrouwen ze toch niet helemaal waar al die informatie terecht komt en wat er mee wordt gedaan. Als ik in hun schoenen stond zou ik waarschijnlijk hetzelfde doen. Dat is jammer, maar reuze begrijpelijk. Het doorstroom-portfolio geldt toch als een soort visitekaartje. Hoe je dat moet veranderen staat me niet meteen voor ogen.’

Strenger selecteren

Het is niet dat het doorstroom-portfolio onpopulair is, vindt de mentor uit Bladel. ‘ Leerlingen zien het wel als verplichte kost, maar hebben ook oog voor het nut ervan. Toen ik er in mijn klassen melding van maakte, gingen een aantal scholieren er meteen mee aan de slag. Daaruit blijkt dat de keuze voor de vervolgopleiding toch sterk leeft bij hen. Zo’n keuze werd vroeger minder weloverwogen gemaakt dan nu. Maar het blijft lastig om de juiste keuze te maken. Ook zo’n portfolio verandert daar niets aan.’ Raas gelooft dat het instrument nog aan kracht kan winnen als het wat breder wordt ingezet. ‘Ik zou het heel goed vinden als bijvoorbeeld geslaagde projecten of werkstukken uit de eerste jaren op school ook een plek krijgen in het port folio. Dan krijgen de vervolgopleidingen een nog completer beeld van een leerling die bij hen een plekje op school wil. Zeker nu er aan de poort steeds strenger wordt geselecteerd is dat een voordeel voor school én leerling.’