Onderzoek onder schooluitvallers Summa Business van de opleiding commercieel medewerker binnendienst

Ze willen graag terug naar school
17-06-2015    Redactie    Nieuwsberichten

Bram van der Meulen

Bram van der Meulen, student toegepaste psychologie, nam contact op met jongeren die vorig jaar uitvielen bij de opleiding commercieel medewerker binnendienst bij Summa Business. Een opleiding die kampte met een zeer groot percentage uitvallers.

In het kader van zijn opleiding toegepaste psychologie aan de Fontys loopt Bram stage bij het Summa College. Hij probeert daar onder andere leerlingen die het risico lopen uit te vallen te signaleren en houdt gesprekken met ze. Hoe kun je eigenlijk zien of het wel goed gaat met een leerling? Bram: ‘verzuim is een belangrijk teken’.
Omdat er zo veel uitvallers waren in de opleiding commercieel medewerker binnendienst is Bram gevraagd om contact op te nemen met de uitvallers. Om te onderzoeken wat ze nu doen en terug te kijken op hun schoolperiode.

Oorzaak van uitval
Wat was de belangrijkste oorzaak van uitval? ‘Opvallend was dat de meeste jongeren aangaven dat ze het gewoon zelf verknoeid hadden. Ze staken de hand in eigen boezem. Onvoldoende schoolresultaten werden als de belangrijkste reden van de uitval genoemd en opvallend vaak werd gezegd dat ze gewoon niets of niet genoeg gedaan hadden.’ Maar hij vroeg door ‘wat zit daar nu achter? Wat is het verhaal van die student?’, want als Bram een ding heeft geleerd is het wel dat cijfers niet veel zeggen: er zit vaak iets achter.
Wat doen de ex-studenten nu? En wat willen ze?

Het grootste gedeelte van de ex-studenten werkt. Vrijwel allemaal meer dan 30 uur tot fulltime. Ze werken in ongeschoolde banen zoals operator, in een winkel of als bezorger. Opvallend is dat ze eigenlijk allemaal wel weer graag naar school zouden willen gaan.
De kleine groep die wel weer terug naar school is gegaan heeft veelal opnieuw gekozen voor een opleiding in de economische sector. De keuze van de huidige school was vaak vooral omdat de school organisatorisch beter in elkaar zat. De scholen zijn over het algemeen ook kleiner. Ik ben minder een nummer hier’, zei een student letterlijk. Ook de manier van lesgeven en lesmaterialen werd als iets prettiger ervaren.

Ga iets aan de organisatie doen
Hoewel er weinig schuld bij de school wordt gelegd en vooral wordt aangedragen dat ze het zelf in de soep hebben laten lopen is er voor de scholen wel een leerpunt. De organisatie. Er waren veel klachten over bijvoorbeeld roosters. ‘Het eerste uur les en dan drie uur vrij nodigt niet uit om naar school te gaan.’ Ook waren er veel zaken onduidelijk en men wist vaak ook niet bij wie ze terecht konden voor meer informatie. Ook over Fronter was veel onvrede. ‘Dit zullen jullie niet graag horen als scholen’, zegt Bram, ‘maar een consistent antwoord dat terug kwam in de antwoorden van de jongeren die Bram belde, was ‘ga iets aan de organisatie doen’’.

Hoewel de organisatie een onvoldoende scoorde (een 5,4), scoorden de opleiding (met een 6,4) en de leerlingbegeleiding (met een 7,2) goed. Men vond met name de begeleiding goed met veel aandacht voor de thuissituatie, veel persoonlijke aandacht en met toegankelijke begeleiders. Over de afronding van hun opleiding waren de jongeren ook tevreden. De ouders waren op de hoogte gebracht en zaken waren goed afgehandeld.

Terug naar school
Eigenlijk willen ze allemaal wel weer naar school. Het probleem is dat ze niet weten hoe. Bij leerplichtige leerlingen worden bijvoorbeeld nog een oriëntatie en keuze traject aangeboden maar juist de niet meer leerplichtigen worden redelijk snel los gelaten, ook als ze geen startkwalificatie hebben. Bram snapt dit wel: ‘Er zit niet zo’n druk achter, geen boete, consequentie voor de school of voor de student, en geen leerplichtambtenaar die er achter aan gaat. Eenmaal uitgeschreven is het nog lastiger. Ze gaan dan maar werken. Ze weten niet hoe ze het moeten aanpakken, weer terug naar school. Ze weten dat ze nog wel in deze richting zouden willen blijven maar zien geen mogelijkheden meer. ‘En ach ,ik ben nog jong en het kan altijd nog’.’ Hier ziet Bram nog mogelijkheden voor scholen om het aantal VSV’ers terug te dringen.